Seleziona una pagina

O.A.K. Jerry Cutillo “Giordano Bruno”                                                                                                                                                                                                                        Progwereld dutch prog magazine december 2018 by Fred Nieuwesteeg

Wie Jerry Cutillo kent mag zijn vinger opsteken. Als je deze vraag stelt in een zaaltje met honderd progliefhebbers zullen er weinig vingers de lucht in gaan, schat ik zo in. En dat is niet terecht wat mij betreft, zijn nieuwste cd “Giordano Bruno” zojuist beluisterd hebbend. Cutillo is de grote man achter O.A.K. (niet te verwarren met het Noorse OAK), dat staat voor Oscillazioni Alchemico Kreative, en is zeker geen beginner. Zijn eerste schijf dateert uit 1995! Kennelijk is zijn muziek al die tijd (hij bracht tussendoor nog vijf cd’s uit) behoorlijk onder de radar gebleven. In deze prog-rockopera vertelt Cutillo het levensverhaal van Giordano Bruno, die in 1548 geboren werd in het koninkrijk van Napels. Als priester, filosoof en kosmoloog ontwikkelde hij zich als een vrijdenker, die nog voor Galilei beweerde dat de aarde om de zon draaide, wat hem in die tijd uiteraard niet in dank werd afgenomen. Hij reisde door Europa en ontmoette beroemdheden als Henri III van Frankrijk en Shakespeare. Terug in Italië wachtte hem het onvermijdelijke noodlot: tegen de paus kon hij niet op en als verklaard ketter eindigde hij op de brandstapel. De fraaie vormgeving van het cd-doosje (artwork van Ed Unitsky) en de informatieve website verdienen een pluim. Direct vanaf het begin maakt zijn Cutillo zijn bedoelingen duidelijk: hij wil indrukwekkende muziek maken. Bij het eerste instrumentale stuk trekt hij de registers vol open, met een klassiek symfonische benadering, compleet met bakken toetsen, Mellotrons, dwarsfluit en glockenspiel. Even later etaleert deze Italiaanse instrumentalist zijn voorliefde voor de Hammond en begint hij ook te zingen, als ik het niet mis heb in het Latijn! De afwisseling die de muziek op “Giordano Bruno” kenmerkt komt ook terug in de zang. Een sterke vervorming van zijn stem, geen probleem, evenmin als zingen in zijn moerstaal Italiaans, maar ook in het Engels en het Duits, daarmee ook de reis van Bruno volgend. Gevoelig zijn stembanden laten trillen kan hij ook, als hij een stukje Jethro Tull (een van zijn grote helden) tot leven lijkt te willen wekken. Dan zijn inmiddels al wat lichte jazzklanken langs gekomen via de saxofoon van David Jackson (VDGG). Atmosferische doorkijkjes met akoestisch gitaarspel en veel fluiten laten Jerry weer van zijn zachte kant zien, al doet Jackson zijn best om de boel even snel weer bijna te laten ontploffen. Sonja Kristana (Curved Air) verzorgt een gastoptreden en met haar glasheldere hoge stem roept ze herinneringen op aan “A Great Gig In The Sky” van Pink Floyd in een atmosferisch muzikaal landschap, dat met licht jazzy pianospel en de sax van Jackson eindigt. Erg mooi dus! Cutillo schaamt zich er niet voor een toetsennummertje te laten horen in een soort danszaalstijl. Zoals hij dit doet klinkt het overigens in het geheel niet slecht en het past natuurlijk helemaal bij het verhaal. De warme stem van Richard Sinclair (Caravan) past weer uitstekend in een zeer melancholisch nummer met hartverwarmend piano- en fluitspel, dat zo kan uitgroeien tot een van de hoogtepunten van de cd. Apart is zijn bewerking van Dance Macabre van Camille Sant Saëns. Cutillo laat hierin nog maar eens horen dat hij een meester is op de dwarsfluit en dat hij zeker inspiratie heeft opgedaan bij Ian Anderson. Gekke stemmetjes en een dekentje Mellotrons zorgen voor een bijzondere uitvoering van deze klassieker. De duidelijke link met de muziek van Tull geeft aan dat O.A.K.’s muziek ook doorspekt is van folk elementen. Openingsnummer Campo dè Fiori krijgt tot slot nog een passende reprise en daarmee is het (levens)verhaal van de arme, miskende Bruno ten einde. Gelukkig hebben we de muziek nog. Afwisseling staat centraal op “Giordano Bruno”. Laat Cutillo het ene moment de akoestische gitaar de boventoon voeren, al dan niet in atmosferische of pastorale passages (denk ook aan Genesis), even later kan een batterij aan toetsen het nodige bombast opleveren en weer het leeuwendeel van het geluid vormen, of vormt de saxofoon een opmaat voor een jazzy inslag. De warme klanken van de dwarsfluit vormen een rode draad door de cd.  Klassieke en Italo-prog smeedt hij zorgvuldig met moderne elementen tot een uitgebalanceerd geheel. Met enkele goed gekozen gastmuzikanten geeft hij nog extra kleur aan het boeiende muzikale verhaal dat hij smaakvol en kwalitatief hoogstaand voor het voetlicht weet te brengen. Zonder meer een aanrader.

 

English translation:                                                                                                                                                                                                                                                     Who knows Jerry Cutillo may raise his finger. If you ask this question in a room with a hundred prog fans, there will be few fingers going up in the air, I guess so.                       But that is not right, as far as I am concerned, after being listening to his latest CD “Giordano Bruno”.                                                                                                                     Cutillo is the big man behind O.A.K. (not to be confused with the Norwegian OAK), which stands for Oscillazioni Alchemico Kreative, and he is certainly not a beginner. His first album, under the O.A.K. name, dates back to 1995! Apparently his music has been quite under the radar for all these years (he released five more CDs in between).                   In this prog rock opera, Cutillo tells the life story of Giordano Bruno, born in 1548 in the kingdom of Naples. As a monk, philosopher and cosmologist he developed the free thinking and even before Galileo, he claimed that the earth revolved around the sun, which of course  was a truth not welcomed at that time. He travelled through Europe and met celebrities like Henri III of France and Shakespeare. Back in Italy, the inevitable fate awaited him: He could not cope with the Pope and was declared heretic ending up at the stake.                                                                                                                                                                                                                                                                               Also the beautiful design of the CD box (artwork by Ed Unitsky) and the informative website deserve praise.                                                                                                               Right from the start, Cutillo makes his intentions clear: he wants to make impressive music. At the first instrumental piece he pulls the registers full open, with a classical symphonic approach, complete with baking keys, Mellotrons, flute and glockenspiel. Moments later, this Italian multi-instrumentalist shows his predilection for the Hammond organ and he also begins to sing (if I do not miss it in Latin!) The variety that characterizes the music on “Giordano Bruno” is also reflected in his vocals. He sings in his Italian language, in English and German, thus  following Bruno’s journey. Cutillo vibrates his vocal chords also when he wants to bring a piece of Jethro Tull (his favourite band) to life. Then some light jazz sounds pass through the saxophone of David Jackson (VDGG). Atmospheric vistas with acoustic guitar playing and a lot of flutes show Jerry again from his soft side, even though Jackson is doing his best to make things almost explode again. Sonja Kristana (Curved Air) performs a guest appearance and with her crystal-clear high voice she evokes memories of “A Great Gig In The Sky” by Pink Floyd in an atmospheric musical landscape, ending with a light jazzy piano and the sax of Jackson. Very nice! Cutillo is not ashamed to make a key number in a kind of ballroom style. As he does, it does not sound bad at all, and of course it fits in perfectly with the story. The warm voice of Richard Sinclair (Caravan) fits perfectly in a very melancholic song with heartwarming piano and flute playing, which can thus become one of the highlights of the album. Apart is his adaptation of Dance Macabre by Camille Sant Saëns. Cutillo shows once again that he is a master on the flute and that he certainly gained inspiration from Ian Anderson. Crazy voices and a blanket of Mellotrons provide a special performance of this classic. The clear link with the music of Tull indicates that O.A.K.’s music is also laced with folk elements. Opening number Campo dè Fiori finally gets an appropriate reprise and with that the (life) story of the poor, unsung Bruno is over. Fortunately, we still have the music. Variety is central to “Giordano Bruno”. Let Cutillo dominate the acoustic guitar one moment, whether or not in atmospheric or pastoral passages (think also of Genesis), a moment later a battery of keys can produce the necessary bombast and again form the lion’s share of the sound, or saxophone a prelude to a jazzy slant. The warm sounds of the flute form a red thread through the all album. Carefully Cutillo forges classic and Italo-prog with modern elements into a balanced whole. With a few well-chosen guest musicians, he adds extra color to the fascinating musical story that he manages to bring out in a tasteful and high-quality way. Recommended.

 

Italian translation:                                                                                                                                                                                                                                                         Alzi la mano chi conosce Jerry Cutillo. Se tu chiedissi questo in una stanza con un centinaio di fan del prog, ci sarebbero poche dita in aria e non sarebbe giusto, per quanto mi riguarda, dopo aver ascoltato il suo ultimo CD “Giordano Bruno”. Cutillo è il grande uomo dietro O.A.K. (da non confondere con la quercia norvegese), che sta per Oscillazioni Alchemico Kreative, e non è certo un principiante. Il suo primo album con la sigla O.A.K. risale al 1995! Apparentemente la sua musica è stata abbastanza sotto il radar per tutto questo tempo (ha pubblicato altri cinque CD nel cosrso degli anni). In questa opera prog rock, Cutillo racconta la storia della vita di Giordano Bruno, nato nel 1548 nel regno di Napoli. Come monaco, filosofo e cosmologo, ha sviluppato il libero pensiero ed ha sostenuto, come Galileo, che la terra girasse intorno al sole, cosa che ovviamente non è stata apprezzata al momento. Ha viaggiato attraverso l’Europa e ha incontrato personaggi famosi come Enrico III di Francia e Shakespeare. Tornato in Italia, un inevitabile destino lo attendeva: Non poteva far fronte al Papa e come eretico fu condannato al rogo. Il bel design della scatola del CD (artwork di Ed Unitsky) e il sito web informativo meritano un elogio. Fin dall’inizio Jerry Cutillo chiarisce le sue intenzioni: vuole fare musica per impressionare. Il primo pezzo strumentale tira i registri completamente aperti, con un approccio sinfonico classico, completo di tastiere come il Mellotron, poi il flauto e il glockenspiel. Qualche istante dopo, questo musicista italiano mostra la sua predilezione per l’Hammond e inizia anche a cantare; in latino! La varietà che caratterizza la musica di “Giordano Bruno” si riflette anche nelle parti vocali poiché, cantando nella sua lingua italiana, in inglese e tedesco, Cutillo continua a seguire i viaggi di Giordano Bruno. Poi vibra ancora le sue corde vocali e ci riporta alle atmosfere dei Jethro Tull (suoi grandi eroi) mentre altre sonorità filtrano attraverso il sassofono di David Jackson (VDGG). La chitarra acustica e il flauto permettono a Jerry di esprimere il suo lato morbido, anche se Jackson è sempre pronto ad intervenire per far esplodere le canzoni. Sonja Kristina (Curved Air) fa la sua comparsa e la sua voce cristallina rievoca “A Great Gig In The Sky” dei Pink Floyd. L’atmosfera è intrisa di pianoforte jazz e il brano termina con il sax Jackson. Molto carino! Cutillo non si vergogna ad eseguire un brano chiave dell’album come se fosse in una specie di sala da ballo. Fatto da lui, non suona affatto male e si adatta perfettamente alla storia. La calda voce di Richard Sinclair (Caravan) si inserisce perfettamente in un’ altra canzone molto malinconica, con pianoforte e flauto commoventi, così da diventare uno dei punti salienti dell’album. Nel suo adattamento della Dance Macabre di Camille Sant Saëns, Cutillo dimostra ancora una volta di essere un maestro al flauto e di esser stato evidentemente ispirato da Ian Anderson. Voci folli e un tappeto di Mellotron offrono una versione speciale di questo classico. Il chiaro legame con la musica di Tull indica che la musica di O.A.K. è anche intrecciata con elementi folk. Il reprise di Campo dè Fiori termina la storia dell’album e la vita di Giordano Bruno. Ma fortunatamente, ci rimane la musica. La varietà sonora è fondamentale in questo “Giordano Bruno” anche se Cutillo lascia prevalere la chitarra acustica nei passaggi atmosferici o pastorali (che fanno pensare ai Genesis) mentre, successivamente, sono gli arrangiamenti corali a riprendere la necessaria enfasi che caratterizza la maggior parte del suono. E poi c’è il sassofono di Jackson che suona con un delirio di note dal sapore jazzistico. I suoni caldi del flauto creano un filo continuo che attraversa l’intero album.    Con cura, Cutillo forgia lo stile classico dell’Italo-prog con elementi moderni, in un insieme equilibrato. Con un paio di musicisti ospiti ben scelti, dà colore all’affascinante storia musicale e la rende gustosa e di qualità. Un album da raccomandare.